Ras: Bracco Italiano
Andere naam: Italiaanse Pointer
Oorsprong: Italië
Gehouden als: Jacht en gezinshond
Grootte: Reuen 58-67 cm en teven 55-62 cm
Gewicht: 25-40 kg
Kleur: Wit of wit met grote barnsteen, orange of kastanjekleurige vlekken
Vachtsoort: Kort dik en glanzende vacht
Gem. Leeftijd: 12-13 Jaar
Hieronder een uitgebreidde ras standaard
Bracco Italiano / Italiaanse Staande Jachthond
Algehele verschijning: Een krachtige hond van goede verhoudingen. De gangen
zijn los, goed ontwikkelde spieren, de draf uitgrijpend en snel. Jagend draagt
de hond het hoofd betrekkelijk hoog. De neus iets boven de ruglijn. De
uitdrukking is ernstig, goedaardig en schrander.
Oorsprong: Italie FCI classificatie 202: Groep 7 (Staande jachthond)
Belangrijke verhoudingen: De lengte van het lichaam is het zelfde als de
hoogte gemeten vanaf de schoft van de hond, iets langer in lichaam wordt ook
toegestaan. De lengte van het hoofd is gelijk aan 4/10 van de hoogte van de
hond. De schedel en voorsnuit zijn gelijk van lengte.
Gedrag en temperament: De hond heeft veel weerstandsvermogen en is geschikt
voor alle soorten jacht. Is intelligent en handelbaar, gemakkelijk te trainen.
Hoofd: De lengte komt overeen met 4/10 van de hoogte van de hond. Onder het
oog iets ingevallen. De snuit is van voren gezien vierkant, van opzij afgerond,
geringe stop, achterhoofdsknobbel duidelijk zichtbaar en wenkbrauwen goed
aangegeven. Te veel of geen plooie
n op het hoofd zijn niet toegestaan.
Neus: Groot, min of meer roze, vleeskleurig of bruin, afhankelijk van de
kleur van de vacht. De neus steekt iets voor de lippen uit, de neusgaten zijn
groot en open. De neusrug is lichtgebogen.
Lippen: De bovenlippen zijn goed ontwikkeld, fijn doch niet slap, zij
bedekken de onderkaak waarbij de mondhoeken goed afgetekend zijn. Te zware of te
slappe lippen zijn niet toegestaan.
Gebit: Scharend gebit. Goed kompleet ontwikkeld , met al de gebitselementen
aanwezig. Tanggebit wordt nog toegestaan.
Ogen: Half naar buiten geplaatst, noch uitpuilend of diepliggend met een
goedaardige uitdrukking. Ovaal met goed aansluitende oogleden (geen entropion of
ectropion). De kleur van de iris is meer of minder donker oker of bruin,
afhankelijk van de kleur van de vacht.
Oren: Goed ontwikkeld. In lengte moeten ze, zonder er aan te trekken, tot de
top van de neus reiken, de uiteinde elkaar rakend. De breedte is op zijn minst
gelijk aan helft van de lengte. Ver naar achter aangezet, soepel van voren
gevouwen en tegen de wang gedragen. Het onderste gedeelte van het oor is licht
afgerond

Hals: Krachtig, de stam kegelvormig, de lengte is niet minder dan 2/3 van de
lengte van het hoofd. De keel laat zachte dubbele keelhuidplooien zien.
Voorhand:Sterke schouder, goed gespierd, lang en schuin. De opperarm schuin
dicht tegen het lichaam. Het onderbeen stevig, groot en recht, middenvoet droog
en lichtgebogen. De voet vrij stevig, groot en rond met enigszins lange goed
gesloten en met kort haar bedekte tenen. Sterke witte okergele of bruine nagels
en droge elastische voetzolen.
Lichaam: De borstkas is ruim en diep, onderborst tot aan de hoogte van de
ellebogen. Van onder meer dan boven goed geronde ribben. De schoft is hoog, de
schouderbladen goed los van het lichaam. De rug is vrijwel recht van de schoft
tot de elfde rugwervel en iets gebogen aflopend van de elfde rugwervel tot het
kruis. De lende streek is breed gespierd, tamelijk kort en lichtschuin aflopend.
Het bekken is ruim, vooral bij de teef. Opgetrokken kruis bij de hond is niet
toegestaan
Staart: Dikke wortel recht met een lichte neiging uit te lopen en dient niet
borstelig te zijn. Tijdens de jacht wordt de staart horizontaal of iets naar
beneden gedragen. In rust laag gedragen. Een naar boven gebogen staart is fout,
evenals het ontbreken van de staa
rt. De staart dient te worden ingekort
(couperen) op 15 - 25 cm (wettelijk verbod op couperen in Nederland, Duitsland,
Denemarken en Finland).
Achterhand: De dijen zijn tamelijk lang, niet uitstaand, goed gespierd en
van achteren vrijwel recht. De benen zijn sterk met brede en niet overmatig
gebogen sprongen die goed verticaal zijn. Middenvoet droog, noch naar binnen,
noch naar buiten gedraaid. De achtervoeten zijn eender als de voorvoeten. Het
ontbreken van de hubertusklauw is niet fout.
Vacht: Kort dik glanzend. Fijner en veel korter op het hoofd, oren,
schouders, dijen en voorzijde van de benen en de voeten. Lang haar of golvend
haar is niet toegestaan.
Kleur: Wit met min of meer grote oranje of amberkleurige aftekening, wit met
min of meer grote kastanjebruine afte
kening, wit met oranje schimmel en wit met
kastanjebruine schimmel. Niet toegestaan zijn de kleuren zwart, zwart met
roestbruin, driekleur, effen of reekleur
Maat: Schofthoogte: 55-67cm. De hoogte voor reuen: 58-67cm; de hoogte voor
teven 55-62cm.
Gewicht: 25-40 kg. Afhankelijk van de hoogte (maat) van de hond met ruime
spelingen doch met goede verhoudingen.
N.B. : Opmerking: De reuen moeten twee normaal ontwikkelde, volledig in
het scrotum ingedaalde testikels hebben.
( Informatie bron Ala D'Oro Kennel )
( Foto's Bracco Italiano Club )






