U bevindt zich hier: K Komondor

Ras: Komondor
Oorsprong: Hongarije
Gehouden als: Voor het veehoeden en als gezelschapshond
Grootte: Reuen min. 70 cm en teven min. 65 cm
Gewicht: Ongeveer 40-60 kg
Kleur: Wit/creme
Vachtsoort: Zware ruwe bovenvacht als koorden en een zachte ondervacht
Gem. Leeftijd: 12 Jaar

Kenmerken:
- Koorden voelen aan als vilt
- Gespierde nek
- Huid is grijs gepigmenteerd
- Gespierde kaken boven en onder
- Grote en gedrongen voeten

Herkomst: Al zo'n duizend jaar treedt de Komondor op als bewaker van kuddes vee. Zijn markante vacht beschermt hem tegen de extreme temperaturen op de Hongaarse poesta's en tegen roofdieren. De op het oog zo rustige en bedachtzame Komondor kan razendsnel reageren en er ontsnapt niet veel aan zijn kaken. Vaak werd de hond alleen bij de kudden achtergelaten, waardoor hij zich tot een zeer zelfstandige beschermer heeft ontwikkeld.

Algemeen voorkomen: Een grote hond met zware botten. Zijn vacht verbergt een krachtig, gespierd lichaam dat iets langer is dan hoog. Hij beweegt zich soepel en statig met een kenmerkende uitgrijpende draf.

Vacht: De vacht bestaat uit een wolharen ondervacht met grove dekharen. De verhouding hiertussen bepaalt of de vacht vervilt of tot koorden bijeen klit. De kleur is wit, de huid meestal leikleurig.

Aard: Eigenzinnig met een sterk gevoel voor goed en kwaad. Moedig, dominant en ondernemend. Sterke band met zijn baas op basis van wederzijds respect. Een Komondor verdedigt zijn baas en diens eigendommen tot het eind. Wantrouwend tegenover vreemden. Deze hond is bepaald niet geschikt voor iedereen; het beschermende instinct kan in onze overvolle maatschappij voor problemen zorgen.