Ras: Whippet
Oorsprong: Groot-Britannië
Gehouden als: Gezelschapshond, konijnen/hazenjacht en renhond
Grootte: Reuen 47-51 cm en teven 44-47 cm
Gewicht: 12,5-13,5 kg
Kleur: Komt voor in alle kleuren
Vachtsoort: De vacht is kort, fijn en dicht
Gem. Leeftijd: 13-14 jaar
De geschiedenis van de Whippet:
De oorsprong:
Vanaf de vroegere oudheid zijn er al afbeeldingen gevonden van diverse
groottes van windhonden. Daar zijn ook afbeeldingen bij van windhonden met de
grootte en het type die sterk doet denken aan de huidige Whippet. Ook menige
afbeelding van het Italiaanse windhondje kan gezien zijn belijning met gemak
doorgaan voor een Whippet. Hoe het ook zij, het wordt aangenomen dat de Whippet
ongeveer in de tweede helft van de negentiende eeuw is ontstaan. In
Groot-Brittannië ging men diverse soorten Terriërs, Greyhounds en Italiaanse
windhondjes kruisen om een snelle en ook felle renhond te creëren. Dankzij de
mijnwerkers in Engeland heeft de Whippet een enorme start kunnen maken. Zij
hielden de Whippet
voornamelijk om er mee te stropen en zo te zorgen voor extra
vlees op de plank. Hun karige loon en bestaan werd hiermee op prettige wijze
aangevuld. Zij ondervonden ook hoe aangenaam in karakter de Whippet als huishond
is. Deze mijnwerkers zijn ook verantwoordelijk voor het begin van het rennen met
de Whippet als ontspannen vrijtijdsbesteding.
De rennen:
Bij de eerste rennen ging het hoofdzakelijk om de snelheid. Er werd toen nog
geen gebruik gemaakt van een nephaas zoals nu op onze moderne renbanen, nee aan
het einde van een uitgezette baan stond de eigenaar of helper met een lap stof
te zwaaien om zo de aandacht van de hond te trekken. Buiten het stropen werd er
ook aan coursing gedaan op een afgezet terrein, waar men hazen losliet, deze een
voorsprong gaf, om vervolgens de Whippet hierop te laten jagen. Er kwam al gauw
protest tegen deze wijze van "sport". Nog steeds worden er coursings gehouden,
maar nu meestal met een namaak prooi. Langzamer hand kregen steeds meer mensen
belangstelling voor deze kleine windhond en begon men ook wat meer op het
uiterlijk van de hond te letten Zo veranderde de Whippet aan het eind van de
negentiende eeuw van enkel een felle, snelle hond in een fraaie, elegante hond.
De show:
Langzamerhand verschenen ook de eerste Whippets op de show, dit niet zonder
succes. In 1890 werd de Whippet officieel als ras erkend en in 1899 volgde de
oprichting van de Engelse Whippet Club. Nederland liet nog even op zich wachten,
de Nederlandse Whippet Club werd op 31 oktober 1954 opgericht.
Karakter:
De Whippet is een middelgrote, gladharige, atletisch gebouwde windhond die
enorm op "zijn" gezin is gesteld, inclusief andere huisdieren en rasgenoten. De
Whippet is van nature zachtaardig en onderdanig, en met kinderen kan hij meestal
erg goed opschieten. Het contact met rasgenoten is buitengewoon goed, en
Whippets liggen dan ook graag tegen en op elkaar. Je ziet ook dat veel
whippeteigenaren ook twee of meerdere honden houden. Wat niet wil zeggen dat dit
een "must" is. Maar is fantastisch om te zien hoe goed ze (meestal) met elkaar
om gaan.
Verzorging:
In onderhoud is de whippet erg makkelijk, de zachte korte vacht vraagt
nauwelijks enige verzorging. Wanneer hij tijdens het wandelen en rennen vies is
geworden is een snelle borstelpartij genoeg om hem weer toonbaar te maken.
Wassen is niet vaak nodig, maar voor honden met veel wit in de vacht kan het
raadzaam zijn ze wel een dag voor de show te wassen met een daarvoor geschikte
shampoo. Wel is de Whippet, door zijn korte vacht, gevoeliger voor
temperatuursschommelingen. En ook zijn longen zijn maar bedekt met een dun
laagje vlees en huid en dus sneller aan koude onderhevig. Een jasje is hiervoor
een prima oplossing. Voor veel mensen is een hondenjasje het toppunt van
"vermenselijking" van een hond, maar bedenk dat men door de tijden heen bij vele
kortharige (wind)honden dit al toepaste. En vroeger waren ze vaak niet zo
kinderachtig met hun honden, men wist echter wel functioneel voor hun te zorgen.
Gedrag in huis:
In huis is de Whippet erg rustig, meestal slapen ze en doen af en toe de
ogen even open om te zien of alles nog o.k. is om dan weer verder te slapen. Dit
slapen doen ze het liefst op een warme en wat hogere plaats ( Het bed valt hier
voor hun meestal ook onder.) Erg blafferig is hij over het algemeen niet, en dit
kan een verademing zijn in onze nogal volle, en niet meer zo hondvriendelijke
maatschappij. Hij houdt erg van zijn huis en vindt het dan ook niet erg om een
tijdje alleen thuis te zijn.

Gedrag buiten:
Maar buiten is de Whippet een heel andere hond. Door zijn
ontstaansgeschiendenis is de Whippet nog steeds een hond met veel jachtpassie
die graag en veel rent. Ook is hij nog steeds een zichtjager, ziet hij buiten
een snel bewegende "prooi" dan zal hij daar gegarandeerd achteraan proberen te
gaan. Toch is de Whippet binnen de windhondengroep een van de gehoorzamere
rassen, mits (natuurlijk) goed opgevoed. Maar dat geldt voor alle honden. De
meeste Whippets kunnen erg goed los lopen en komen dan ook weer op commando
terug. Vooral als dit van jongs af aan gewend wordt met een beloning in de vorm
van wat lekkers, hebben ze dit zo door. Zeker omdat de Whippet erg op zijn
mensen gesteld is zal hij ze graag een plezier doen.
Buiten extra opgepast:
Aangezien een Whippet een enorme snelheid kan maken is het wel belangrijk
dat men hem niet zo maar overal los laat. Is hij eenmaal op snelheid dan is
direct stoppen niet zo gemakkelijk meer, en daarom ook zeer gevaarlijk vlakbij
een drukke weg. Een rustig groot stuk bos, strand, weiland of afgezet terrein
zijn ideaal. Dan kan men pas goed zien waar ze oorspronkelijk voor gefokt zijn:
de hazen- en konijnenjacht. Buiten explodeert hij als het ware. U zult dan
verbaasd staan van zijn snelheid en actie. Als een wervelwind schiet hij langs u
heen. Hij spant zich dan tot het uiterste in om al zijn spieren te gebruiken.
Dan zie je ook dat hij niet zo breekbaar is als sommige mensen wel denken. (Als
dit werkelijk zo zou zijn, dan was hij natuurlijk niet al decennia lang gebruikt
voor de jacht!) Is hij eenmaal uitgedold dan komt hij graag weer naar zijn
eigenaar.
Sport en spel:
De Whippet is geschikt voor vele takken van sport; fietsen, wandelen,
fly-ball, coursing of rennen op de renbaan. Ook op tentoonstellingen slaan ze
geen gek figuur. Het is hun allemaal prima, zolang ze het maar samen met hun
baas kunnen doen. Bij dit alles is het wel belangrijk om te weten dat een
Whippet een zachte hand van opvoeding nodig heeft. Wel vasthoudend, nooit
hardhandig!. Men kan de Whippet meer beschouwen als een kat, men bereikt meer
bij een Whippet door zijn genegenheid voor jou, dan door slaafse onderdanigheid.
Erfelijke factoren:
Een modehond is de Whippet gelukkig nooit geworden, en er wordt maar weinig
gefokt. U zult ook (bijna) nooit een nest Whippets in de krant aantreffen. Ook
is het nog een relatief gezond ras, erfelijke afwijkingen komen maar weinig
voor, zo is b.v. heup-dysplasie bij de whippet onbekend. Wel wordt er van de
leden van de Nederlandse Whippet Club (NWC) die pupbemiddeling wensen verwacht
dat zij de ouderdieren op PRA/Cataract laten nakijken. Deze uitslagen worden dan
weer gepubliceerd in het clubblad van de NWC. Tot nu toe zijn de honden met PRA/Cataract
of dergelijke op de vingers van één hand te tellen. Je kunt je afvragen of je
dus van een probleem kunt spreken, maar waakzaamheid blijft natuurlijk altijd
geboden. Ook is het belangrijk om te weten dat narcose bij een Whippet (en
andere windhonden) anders werkt dan bij de "gewone" hondenrassen. O.a. door hun
vet/spierverhouding, lage percentage vet en het hoge aantal rode
bloedlichaampjes in vergelijking met een gemiddelde hond. Dat hoeft totaal geen
probleem te zijn, zolang er maar de juiste voorzorgsmaatregelen getroffen worden
door de behandelende dierenarts.
De kleur:
De Whippet is ge
lukkig ook geen kleurenras, alles mag. De rasstandaard zegt
niet voor niets bij kleur: Iedere kleur of combinatie van kleuren toegestaan.
Ook wordt er geen donker pigment verlangd, bij blauwe honden is een blauwachtige
neus toegestaan, bij leverkleurige honden een leverkleurige neus, en bij witte
of bonte honden zelfs een vlinderneus, enz, enz. Dit is in Amerika wel anders,
want daar verlangt men donker pigment en donkere ogen. Misschien is dat er wel
debet aan dat men in de USA zo weinig Whippets ziet in de zogenaamde verdunde
kleuren zoals blauw en isabel. Dit is in Europa gelukkig niet het geval en kan
elke goede, gezonde rasvertegenwoordiger, ongeacht de kleur, ingezet worden voor
de fok. Natuurlijk speelt de kleur van de partner ook geen rol, maar dat zult u
al wel begrepen hebben. Daar mogen wij gezien de kleine schaal van de fokkerij
in Nederland wel blij mee zijn. Maar goed, om nog even op de kleur terug te
komen, er is voor ieder wel wat wils. Dat hij een goed gezondheid geniet blijkt
wel uit het feit dat hij een hoge leeftijd kan bereiken, 14 tot 15 jaar zijn
geen uitzonderingen.
Rasstandaard van de Whippet:
Algemeen-voorkomen: Evenredige combinatie van spierkracht en sterkte met
sierlijke elegante belijning. Gebouwd voor snelheid en werk. Alle vormen van
overdrijving dienen vermeden te worden.
Eigenschappen: Een ideale metgezel met groot aanpassingsvermogen in zowel
huiselijke als sportieve omgeving.
Temperament: Zachtaardig, aanhankelijk, evenwichtig karakter.
Hoofd en schedel:Lang en droog, van boven vlak, naar de neus smaller
toelopend, lichte stop, tamelijk breed tussen de ogen, kaken krachtig en scherp
besneden, zwarte neus, bij blauwe dieren is een blauwachtige neus toegestaan,
bij leverkleurige dieren een neus in gelijke kleur en bij witte of bonte honden
is een vlinderneus geoorloofd.
Nek: Lang, gespierd, sierlijk gebogen.
Ogen: Ovaal, helder, zeer wakkere uitdrukking.
Oren: Roosvormig, klein, fijn van samenstelling. (textuur)
Mond: Krachtige kaken met een volmaakt regelmatig en compleet
schaargebit, dat wil zeggen de tanden van de bovenkaak moeten goed sluitend over
de tanden van de onderkaak passen en rechtstandig in de kaak geplaatst zijn.
Voorhand: Schuin en gespierd, de schouderbladen doorlopend tot de
bovenkant van de wervelkolom waar zij zich duidelijk moeten aftekenen. Voorbenen
recht en rechtstandig. Het front niet te breed, polsen sterk met lichte vering,
ellebogen goed onder het lichaam geplaatst.
Lichaam: Zeer diepe borstkas met volop ruimte
voor het hart, duidelijk belijnd, brede rug, stevig, ietwat lang; met een
duidelijke welving over de lendenen maar niet gebocheld. Lendenpartij moet de
indruk geven van kracht en vermogen, ribben goed gewelfd, de rug gespierd.
Achterhand: Krachtig en breed op de dijen, knieën goed gehoekt, hakken
goed laag geplaatst, goed ontwikkelde tweede dij, waardoor de hond in staat is
veel grond te beslaan en grote stuwkracht te tonen.
Staart: Geen bevedering (lange haren), lang, geleidelijk dun uitlopend,
in actie in een licht opwaartse boog gedragen, echter niet over de rug.
Voeten: Nette welgevormde voeten, goed ingesneden tussen de tenen,
kootjes goed gebogen, voetzolen dik en sterk.
Gangwerk,beweging: Vrij, met achterbenen die goed onder het lichaam
gebracht worden om stuwkracht te ontwikkelen. Voorbenen moeten ruim naar voren
gebracht worden, laag over de grond, zuiver in het komen en gaan. De algemene
beweging moet niet te houterig, hoog dravend (steppend) kort of trippelig zijn.
Beharing: Fijn, kort, dicht in structuur.
Kleur: Iedere kleur of combinatie van kleuren
is toegestaan.
Groote: Hoogte reuen 47 - 51 cm (18 1/2 - 20 inches), teven 44 - 47 cm
(17 1/2 - 18 1/2 inches)
Fouten: Iedere afwijking van de voorgaande punten moet als fout worden
aangemerkt en de ernst waarmee de fout wordt beoordeeld moet precies in
overeenstemming met de graad daarvan zijn.
( Informatie bron Delirious Whippets )





